DE OBERNBERGVALLEI
Het ongeveer 8 kilometer lange Obernbergtal maakt indruk met zijn ongerepte natuur en gaat op in het natuurreservaat Nößlachjoch - Obernberger See - Tribulaune. Het rustige zijdal in het Wipptal vertakt zich naar het zuidwesten bij Gries am Brenner en leidt via Vinaders naar Obernberg.
Al vanaf het moment dat de weg het Obernbergtal binnenrijdt, word je vergezeld door het ruisende water van de heldere beek, die vanuit het Obernberger Meer door het hele dal stroomt en vervolgens bij Gries uitmondt in de Sill. De noordelijke kant van het dal , de zonzijde, is tot ongeveer 1.900 meter begroeid met lariksbomen en de weiden in het lichte bos worden eenmaal per jaar met zware handarbeid gemaaid. Je vindt er een voor deze lariksweiden typische flora, zoals blauwe gentianen, primula's en orchideeën.
Aan het einde van het dal rijst de markante Obernberger Tribulaun op tot een hoogte van 2.780 meter. Niet alleen deze trotse berg lokt in het Obernbergtal tot een veeleisende bergtocht. Het Obernbergtal biedt alles: lichtere wandelingen zoals naar de Sattelbergalm en verder naar de Sattelberg, een rondwandeling om het natuurparel Obernberger See of naar de Lichtsee, maar ook veeleisendere bergtochten zoals de beklimming van de Rötenspitze of de Grubenkopf.
Niet alleen in de zomer zijn er dus wandelroutes met verschillende moeilijkheidsgraden, maar ook in de winter zijn er rodelbanen naar de Obernberger See en de Sattelbergalm, evenals skitochtroutes de harten van wintersporters sneller doen kloppen.